Ondernemingsrecht  

Toetreden tot een CV of vof

bekijk de crediteurenlijst

Vragen over de aansprakelijkheid van vennoten worden de laatste tijd veelvuldig aan rechters voorgelegd. Kort geleden schreef ik al over de aansprakelijkheid van een uitgetreden vennoot. Nu is de vraag voorgelegd aan de Hoge Raad of een vennoot die toetreedt tot een commanditaire vennootschap (CV) ook aansprakelijk is voor schulden die al bestaan op het moment van toetreding. De Hoge Raad oordeelt dat dit inderdaad het geval is. Een CV kan wat betreft aansprakelijkheid van de beherend vennoot overigens gelijk worden gesteld met de vennoten van een vennootschap onder firma (vof). 

Aansprakelijkheid voor reeds verschuldigde pensioenpremies
In de kwestie die aan de Hoge Raad werd voorgelegd ging het om niet betaalde pensioenpremies. Op 2 februari 2010 werd de CV opgericht. De CV exploiteerde een detacheringsbureau voor chauffeurs. 

Op 17 augustus 2010 werd X de nieuwe beherend vennoot. Op 15 september 2010 werd de CV aangemeld bij het Pensioenfonds voor het beroepsvervoer. Het pensioenfonds had op basis van eigen onderzoek vastgesteld dat de CV wettelijk verplicht was tot aansluiting. Hierna verzocht het pensioenfonds diverse keren om loongegevens zodat hij de pensioenpremies kon vaststellen. Omdat de CV niet reageerde, werden ambtshalve aanslagen opgelegd over de maanden februari 2010 tot en met januari 2011 voor in totaal € 48.000,-. De CV werd daarna opgeheven en het pensioenfonds sprak daarop de beherend vennoot aan. De beherend vennoot verweerde zich met de stelling dat hij niet aansprakelijk was voor de schulden die reeds bestonden op het moment van zijn toetreden. 

Hoofdelijke aansprakelijkheid is ongelimiteerd 
De Hoge Raad stelt in zijn arrest vast dat de vorderingen van het Pensioenfonds zijn ontstaan op het moment dat de CV voldeed aan de voorwaarden voor verplichte deelname. Dat is dus februari 2010 en het gaat dan ook (deels) om schulden die al bestonden op het moment dat de beherend vennoot toetrad tot de CV. 
In artikel 18 wetboek van koophandel (WvK) is opgenomen dat vennoten hoofdelijk zijn verbonden “wegens de verbintenissen der vennootschap”. Het artikel is niet gelimiteerd en dus niet beperkt tot schulden die zijn ontstaan ná het toetreden, aldus de Hoge Raad. Ook past het niet bij het doel van deze bepaling (bescherming van schuldeisers) om een beperking aan te brengen in de aansprakelijkheid. Het zou te ver voeren wanneer schuldeisers zouden moeten onderzoeken wanneer een vennoot is toegetreden om te bepalen welke vennoot zij kunnen aanspreken.

Eigen onderzoek vennoot
Een schuldeiser krijgt dus een extra verhaalsmogelijkheid wanneer een vennoot toetreedt. De Hoge Raad geeft in zijn overwegingen nog mee dat een toetredend vennoot zelf waakzaam moet zijn en inzage moet verlangen in de schuldenposities. Verder kan hij nog garanties bedingen van de zittende vennoten. Als uitsmijter voegt de Hoge Raad nog toe dat zijn beslissing niet van toepassing is op de maatschap en haar maten. Maten binden in beginsel alleen zichzelf en wanneer de gehele maatschap gebonden is dan zijn de maten voor gelijke delen aansprakelijk (en dus niet hoofdelijk zoals bij vof en CV). 

Door: Kristel Timmermans
Financiering, zekerheden en insolventie
Ondernemingsrecht
Vastgoedrecht
Commerciële contracten
Deel dit artikel: